Kenntnis

noun
kennis, bekendheid, inzicht
A2

Kenntnis is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘kennis’, ‘inzage’ of ‘bewustzijn’. Enkelvoud: die Kenntnis; meervoud: die Kenntnisse, vaak in de betekenis ‘kennis/vaardigheden’. Handige uitdrukkingen: Kenntnis von etwas haben en jemanden in Kenntnis setzen. Vrij formeel.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Gute Sprachkenntnisse sind im Beruf sehr wichtig.
Goede taalvaardigheden zijn erg belangrijk op het werk.
Der Beamte erwähnte seine Kenntnis der Regeln, als der Fehler entdeckt wurde.
De ambtenaar noemde zijn kennis van de regels toen de fout werd ontdekt.
Unsere Kenntnis der Fakten ist begrenzt.
Onze kennis van de feiten is beperkt.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALKenntnisse

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativedie Kenntnisdie Kenntnisse
genitiveder Kenntnisder Kenntnisse
dativeder Kenntnisden Kenntnissen
accusativedie Kenntnisdie Kenntnisse

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een boek voor met de titel ‘Kenntnis’, vol feiten en aantekeningen
👂klinkt een beetje als ‘can this’ — stel je voor dat je vraagt: ‘kan deze persoon dat weten?’
⚧️die — stel je ‘de (vrouwelijke) lerares’ voor die kennis vasthoudt

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Formeel zelfstandig naamwoord dat vaak wordt gebruikt in academische of juridische contexten; het meervoud «Kenntnisse» wordt vaak gebruikt wanneer men over vaardigheden spreekt.

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS