Regel

noun
regel, norm
B1

Regel is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord en betekent „regel” of „norm”. Meervoud: Regeln. Veelgebruikte uitdrukking: in der Regel = „in de regel”, „gewoonlijk”. Gebruikt voor spelregels, voorschriften en gedragsregels.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

In dieser Klasse gibt es klare Regeln.
In deze klas zijn duidelijke regels.
Eine wichtige Regel im Straßenverkehr ist, bei Rot anzuhalten.
Een belangrijke regel in het verkeer is stoppen bij rood licht.
Obwohl einige Schüler gegen die Regel verstießen, erklärte der Schulleiter, dass er zunächst ein klärendes Gespräch führen würde.
Hoewel sommige leerlingen de regel overtraden, legde de directeur uit dat hij eerst een verhelderend gesprek zou voeren.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALRegeln

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativedie Regeldie Regeln
genitiveder Regelder Regeln
dativeder Regelden Regeln
accusativedie Regeldie Regeln

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een lijst voor met de titel «Regeln» op de muur van een klaslokaal.
👂Denk aan «regel» als het begin van «regelmatig» — regels maken dingen regelmatig.
⚧️die (vrouwelijk) — onthoud «die Regel» door het te koppelen aan «die Vorschrift» (ook vrouwelijk).

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Gebruikt voor regels, voorschriften of normen; gangbaar in zowel alledaagse als formele contexten (bijv. «eine Regel brechen» — een regel breken).

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS