noun
cursusleider, instructeur
B1
Kursleiter betekent ‘cursusleider’, ‘instructeur’ of ‘trainer’. Het is een mannelijk zelfstandig naamwoord: der Kursleiter. Het meervoud is gelijk aan het enkelvoud: die Kursleiter. Genitief enkelvoud: des Kursleiters. Voor een vrouw: Kursleiterin.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Als Kursleiter hat er viele Jahre Erfahrung im Training von Mitarbeitern.
Als cursusleider heeft hij vele jaren ervaring met het trainen van medewerkers.
Die Teilnehmer lobten den Kursleiter, weil viele schwierige Fragen durch seine Erklärungen beantwortet wurden.
De deelnemers prezen de cursusleider, omdat veel moeilijke vragen door zijn uitleg werden beantwoord.
Der Kursleiter hat uns die Grammatik sehr gut erklärt.
De cursusleider heeft ons de grammatica heel goed uitgelegd.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je iemand voor aan de voorkant van een klas met ‘Kursleiter’ op een naambordje.
Kurs (cursus) + Leiter (leider) — letterlijk de cursusleider.
Der Kursleiter — mannelijk, zoals veel beroepswoorden op -er (der Lehrer, der Fahrer).
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Kursleiter is een mannelijk beroepswoord; de vrouwelijke vorm kan Kursleiterin zijn. Het meervoud is meestal Kursleiter (hetzelfde als het enkelvoud) of Kursleiterinnen voor het vrouwelijke meervoud.