hin

adverb
daarheen, weg, daar
A2

hin is een richtingsadverb dat ‘daarheen’, ‘weg’ of ‘van de spreker af’ betekent. Het geeft beweging van de spreker weg aan en komt vaak voor met werkwoorden van beweging of in scheidbare werkwoorden zoals hingehen. Tegenovergestelde: her.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Die Kinder laufen nach draußen und rennen hin und weg.
De kinderen rennen naar buiten en rennen heen en weer.
Der Student ging hin, obwohl die Vorlesung zu Ende war, weil er noch eine Frage hatte.
De student ging erheen, hoewel de les voorbij was, omdat hij nog een vraag had.
Geh bitte hin und hol das Buch.
Ga daarheen en haal het boek, alstublieft.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

Typelocal

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een pijl voor die van je af wijst met het label ‘hin’
👂Klinkt als ‘heen’ — denk aan ‘daarheen’, weg van hier

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

Hin duidt beweging weg van de spreker aan; het staat vaak tegenover her (beweging naar de spreker toe).

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS