noun
hulp, assistentie, bijstand
A1
Hilfe betekent ‘hulp’ of ‘assistentie’. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Hilfe, meervoud Hilfen. Veelgebruikte uitdrukking: um Hilfe bitten (‘om hulp vragen’), met um + accusatief. Kan afhankelijk van de context telbaar of niet-telbaar zijn.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Ich brauche Hilfe.
Ik heb hulp nodig.
Kannst du mir bitte Hilfe geben?
Kun je me alsjeblieft helpen?
Nachdem die ältere Frau um Hilfe rief, kamen die Nachbarn schnell, sodass sie sicher ins Haus gebracht wurde.
Nadat de oudere vrouw om hulp riep, kwamen de buren snel, zodat ze veilig het huis in werd gebracht.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een helpende hand voor die iemand omhoog trekt; dat beeld = Hilfe.
Klinkt als « hill-fee » — stel je een behulpzame fee op een heuvel voor die hulp uitdeelt.
Die Hilfe — veel Duitse vrouwelijke zelfstandige naamwoorden eindigen op -e, dus «die» voor Hilfe (denk: «die» eindigt op e).
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
Veelvoorkomende combinaties: om hulp vragen, hulp bieden, eerste hulp. «Hilfe» is niet gemarkeerd voor geslacht (vrouwelijk) en wordt vaak in vaste uitdrukkingen gebruikt. Afhankelijk van de context kan het gaan om praktische hulp, professionele ondersteuning of noodhulp.