noun
bankpas, bankkaart, pinautomaatkaart
B1
Bankomatkarte betekent bankkaart, geldautomaatkaart of debetkaart. Het is een vrouwelijk zelfstandig naamwoord: die Bankomatkarte; meervoud: Bankomatkarten. Je gebruikt ze om geld op te nemen en te betalen. Regelmatige meervoudsvorm, zonder bijzondere verbuiging.
Voorbeelden
Die Bankomatkarte funktionierte nicht mehr, also ging ich zur Bank.
De bankpas werkte niet meer, dus ging ik naar de bank.
Mit der Bankomatkarte können Sie an jedem Automaten Geld abheben.
Met de bankpas kunt u bij elke automaat geld opnemen.
Hast du deine Bankomatkarte dabei?
Heb je je bankkaart bij je?
Details
Ezelsbruggetjes
Stel je een kaart voor met ‘Bankomat’ erop die je in een geldautomaat steekt.
Klinkt als ‘bank-oh-mat-card’ — denk aan ‘bank + automaat’.
Die Bankomatkarte — vrouwelijk (die). Stel je de kaart in een dameshandtas voor.
Opmerkingen
Variant / alternatieve spelling van ‘Bancomatkarte’ in sommige regio’s. Beide verwijzen naar kaarten waarmee je geld kunt opnemen bij geldautomaten; regionale voorkeuren verschillen.