Krankenkasse

noun
ziekenfonds, zorgverzekering, ziektefonds
A2

Krankenkasse betekent „ziekenfonds” of „zorgverzekeraar” en verwijst dus naar de instantie, niet alleen naar de verzekering zelf. Vrouwelijk: die Krankenkasse, meervoud die Krankenkassen. Vaak met datief, bijvoorbeeld bei der Krankenkasse. Een veelgebruikt samengesteld woord in de gezondheidszorg.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Der Patient rief die Krankenkasse an, weil er die Kosten klären wollte.
De patiënt belde de zorgverzekeraar omdat hij de kosten wilde verduidelijken.
Er hat sich bei einer großen Krankenkasse versichert.
Hij heeft zich verzekerd bij een groot ziekenfonds.
Meine Krankenkasse übernimmt die Kosten für die Behandlung.
Mijn zorgverzekering dekt de kosten van de behandeling.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALKrankenkassen

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativedie Krankenkassedie Krankenkassen
genitiveder Krankenkasseder Krankenkassen
dativeder Krankenkasseden Krankenkassen
accusativedie Krankenkassedie Krankenkassen

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een balie in een ziekenhuis voor met het bordje «Krankenkasse», waar mensen rekeningen betalen
👂Krank = ziek, Kasse = kassa — denk aan een «ziekenkas»
⚧️die — stel je een vriendelijke vrouwelijke medewerker voor op het kantoor van de zorgverzekering

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

In Duitsland verwijst «Krankenkasse» vaak naar wettelijke zorgverzekeraars; veel inwoners zijn lid van een specifieke Krankenkasse.

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS