noun
kilogram, kilo
A1
Kilogramm betekent ‘kilogram’, een eenheid van massa. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord: das Kilogramm, meervoud hetzelfde: die Kilogramm. Het wordt meestal met cijfers gebruikt en vaak zonder lidwoord: zwei Kilogramm. Afkorting: kg.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Der LKW transportierte hundert Kilogramm Material, weil die Lieferung dringend gebraucht wurde.
De vrachtwagen vervoerde honderd kilogram materiaal, omdat de levering dringend nodig was.
Ein Kilogramm Äpfel kostet zwei Euro.
Een kilo appels kost twee euro.
Ich brauche ein Kilogramm Äpfel.
Ik heb een kilogram appels nodig.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
een weegschaal waarop duidelijk '1 kg' staat
kilo + gram — hetzelfde idee als in het Engels
das — stel je de weegschaal voor met DAS erop om het onzijdig te onthouden