noun
vuil, vuiligheid, modder
B1
Dreck is een mannelijk zelfstandig naamwoord en betekent ‘vuil’, ‘smerigheid’ of grof ‘troep/rotzooi’. Meestal ontelbaar; het meervoud Drecke is zeldzaam. Genitief: des Drecks. Zowel letterlijk als in uitdrukkingen gebruikt.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Der Mechaniker entfernte den Dreck, weil das Teil sonst weiter beschädigt wurde.
De monteur verwijderde het vuil, omdat het onderdeel anders verder beschadigd zou zijn.
Der Hund hat überall Dreck ins Haus gebracht.
De hond heeft overal in huis vuil naar binnen gebracht.
Nach dem Spaziergang im Regen war der Hund voller Dreck.
Na de wandeling in de regen zat de hond onder het vuil.
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je modderige voetafdrukken en verspreide aarde voor met het label «Dreck» op de vloer.
«Dreck» klinkt als het Engelse «wreck» (rommel), wat kan helpen om «vuil» te onthouden.
der — koppel de D in «Dreck» aan de D in «der» om het mannelijke geslacht te onthouden.
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
« Dreck » wordt vaak gebruikt als een niet-telbaar zelfstandig naamwoord in de betekenis van vuil of viezigheid. Het kan letterlijk of figuurlijk worden gebruikt (bijv. « im Dreck sitzen » — in een slechte situatie zitten).