Voornaamwoordelijke bijwoorden — De "Da-" woorden 📦✨🇳🇱
Om herhaling van 'voorzetsel + het' te voorkomen, voegt het Duits ze samen tot da-woorden (dafür, damit, darauf). Om vragen te stellen over dingen, gebruik je wo-woorden (wofür, womit). Let op: deze woorden worden alleen gebruikt voor objecten en ideeën, nooit voor mensen.

Je herinnert je vast de Vaste voorzetsels en de "Wo-" vragen (Worauf wartest du?). Nu gaan we leren hoe we die vragen beantwoorden. We gebruiken hiervoor Voornaamwoordelijke bijwoorden, ook wel de Da-woorden genoemd.
Geweldig nieuws: Dit werkt in het Duits precies hetzelfde als in het Nederlands!
De "Da-" Formule 🧪🇳🇱
In plaats van het hele woord te herhalen ("Ik wacht op de bus"), willen we zeggen: "Ik wacht erop."
In het Nederlands en Duits plakken we deze woorden aan elkaar vast.
Da + Voorzetsel.
Ich warte auf den Bus. ➔ Ich warte darauf. (Ik wacht daarop / erop).
Ich träume von dem Urlaub. ➔ Ich träume davon. (Ik droom daarvan / ervan).
De "R" Regel 🇳🇱
Net als bij de "Wo-" woorden voegen we een -r- toe voor de uitspraak als het voorzetsel met een klinker begint (auf, an, über, in). Dit is in het Nederlands ook zo (da + op = daarop).
- da + auf = darauf
- da + über = darüber
- da + an = daran
| Werkwoord + Voorz. | Vraag (Wo-) | Antwoord (Da-) |
|---|---|---|
| Warten auf | Worauf wartest du? | Ich warte darauf. |
| Denken an | Woran denkst du? | Ich denke daran. |
| Sprechen über | Worüber sprecht ihr? | Wir sprechen darüber. |
[!CAUTION]
Alleen voor DINGEN! 🚫🧍♂️🇳🇱
Je kunt deze Da-woorden alleen gebruiken voor dingen of ideeën. Nooit voor mensen!
- Ich warte auf den Bus. ➔ Ich warte darauf. (Goed).
- Ich warte auf Tom. ➔ Ich warte auf ihn. (Gebruik het persoonlijk voornaamwoord!)
Zie ook...
- Vaste voorzetsels — De lijst met werkwoorden die je hiervoor nodig hebt.
- Persoonlijke voornaamwoorden — Wat je gebruikt voor mensen.
Klaar om te oefenen?
Train your preposition usage!