noun
programma, rooster
A2
Programm (het) betekent ‘programma’: een tv-/radio-uitzending, een computerprogramma of een planning/rooster. Meervoud: Programme. Genitief enkelvoud: des Programms. Het is een onzijdig zelfstandig naamwoord met gewone verbuiging, zonder vaste voorzetsels. Veel gebruikt in media, IT en bij tijdschema’s.
VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES
Während das Festival stattfand, zeigte der Sender ein Programm, das vor allem Dokumentationen enthielt.
Terwijl het festival plaatsvond, zond de zender een programma uit dat vooral documentaires bevatte.
Was läuft heute Abend im Programm?
Wat staat er vanavond op het programma?
Was steht im Programm für heute Abend?
Wat staat er vanavond op het programma?
VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL
VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS
Stel je een softwarevenster voor met de titel «Programm».
zoals het Engelse «program»
das — denk aan «das Programm» (een neutraal software-/programma-onderwerp)
VOCABULARY.DETAILS.NOTES
In IT-contexten betekent «Programm» meestal software; bij evenementen kan het «rooster» of «programma» betekenen.