Monitor

noun
monitor, scherm
B1

Monitor is een mannelijk zelfstandig naamwoord: ‘monitor’ of ‘beeldscherm’ van een computer. Meervoud: Monitore. Genitief enkelvoud: des Monitors. Regelmatige verbuiging. Afhankelijk van de context kan het ook een toezichthouder betekenen, maar meestal gaat het om een scherm.

VOCABULARY.DETAILS.EXAMPLES

Ich brauche einen größeren Monitor für meinen Computer.
Ik heb een grotere monitor nodig voor mijn computer.
Der Monitor meines Computers ist gestern durcheinander geraten.
Mijn computermonitor begon gisteren kuren te vertonen.
Die IT-Abteilung bestellte einen neuen Monitor, weil der alte Bildschirm gestört war.
De IT-afdeling bestelde een nieuwe monitor omdat het oude scherm defect was.

VOCABULARY.DETAILS.DETAILS_LABEL

VOCABULARY.DETAILS.PLURALMonitore

VOCABULARY.DETAILS.DECLENSION

VOCABULARY.DETAILS.CASEVOCABULARY.DETAILS.SINGULARVOCABULARY.DETAILS.PLURAL
nominativeder Monitordie Monitore
genitivedes Monitorsder Monitore
dativedem Monitorden Monitoren
accusativeden Monitordie Monitore

VOCABULARY.DETAILS.MNEMONICS

👁️Stel je een computerscherm voor met het label «der Monitor» op de rand.
👂Monitor klinkt als het Engelse «monitor» — dezelfde betekenis, makkelijk te onthouden.
⚧️der — stel je een mannelijke technicus (der) voor die de monitor vasthoudt.

VOCABULARY.DETAILS.NOTES

«Monitor» is een leenwoord; meervoud meestal «Monitore». In informele contexten kan men ook «der Bildschirm» zeggen voor «scherm».

VOCABULARY.DETAILS.CATEGORY

VOCABULARY.DETAILS.VOCABULARY_EXPLORER

VOCABULARY.DETAILS.NEARBY_WORDS